Team Treasure Hunt

Toepassen in nieuwe context

Team Treasure Hunt is een teamgesprek over één probleem dat iedereen kent, in zeven vragen, en het antwoord zit vaak al aan tafel. In groepjes van vijf tot zeven vertelt ieder eerst wat hij zelf al doet dat helpt, en daarna wie het ondanks dezelfde obstakels wél lukt, binnen of buiten het team, en wat die precies anders doet. Pas dan komen nieuwe ideeën en acties met een naam en een datum. Het is de Liberating Structure Discovery and Action Dialogue: wij gaven hem een naam die past bij een lerarenteam, schreven de zeven vragen in gewone schooltaal en zetten onder elke vraag drie hulpvragen. Gemaakt voor een teamvergadering of studiedag, en voor elk team dat weet dat de kennis in huis is maar niet rondgaat: in een school net zo goed als in een scrumteam.

Zeven vragen in groepjes van zes · ± 85 min

Zet op het bord

Eén scherm: het probleem, hoe groot de groepjes en de tijd per vraag. Alleen jij ziet het, de klas pas als jij op Starten drukt.

Precies dit zet je op het digibord. De timer loopt in alle groepjes tegelijk, en jij houdt de regie: pauzeren, tijd erbij of door naar de volgende vraag. Het probleem staat bij elke vraag op het scherm, en met een gratis account helpt AI je het in één zin te zeggen.

Zo ziet de klas het op het bord

11 stappen · één probleem, in alle groepjes tegelijk, ± 81 min

Team Treasure Hunt
0s bezig · nog ± 81 min
Gesprek · stap 1/11
stap 1/11 · Groepjes en rollen
Afspraken uit het overleg worden niet nagekomen, en elke week beginnen we opnieuw.
Ga in groepjes van vijf tot zeven. Kies wie het gesprek leidt en wie notuleert.
3:00
één groepje
Groepjes · 3 min
Probleem · 5 min
Herkennen · 14 min
Wat werkt · 8 min
Wat hindert · 7 min
Wie kan het · 10 min
Nieuw · 7 min
Wie doet wat · 9 min
Wie nog · 5 min
Oogst · 10 min
Uitnodigen · 3 min
← Vorige
Volgende stap →

Voor jou: Spreek de rollen af voor vraag 1: de gespreksleider praat niet mee.

Groepsgrootte

groepjes van 5–7, het hele team

Duur

± 85 min

incl. uitleg en terugblik

Niveau

teams · mbo · hbo

Materiaal

papier en pen per groepje

Vorm

parallelle groepjes, één probleem

Doel

de expertise van het team delen

Spreek vóór vraag 1 in elk groepje twee rollen af. De gespreksleider stelt de vragen en beantwoordt ze zelf niet; de notulist schrijft op wat mensen doen, met hun naam erbij. Is iets onduidelijk, dan vraagt de notulist door en geeft de gespreksleider de vraag terug aan de groep. Zonder die afspraak praat de gespreksleider mee en schrijft niemand iets op.

Stap-voor-stap instructie

11 stappen

Groepjes en rollen · 3 minuten

met iedereen

Ga in groepjes van vijf tot zeven. Kies wie het gesprek leidt en wie notuleert. De gespreksleider stelt de vragen en beantwoordt ze zelf niet; de notulist schrijft op wat mensen doen, met hun naam erbij.

Het probleem in één zin · 5 minuten

in de groepjes

Spreek samen af welk probleem jullie vandaag aanpakken, in één zin die iedereen aan tafel herkent. Staat het probleem al op het scherm, dan valt deze stap weg.

Vraag 1 · Herkennen · 14 minuten

in de groepjes

Waaraan merk jíj dat het probleem er is? Ieder vertelt over de laatste keer dat hij er zelf tegenaan liep. De langste vraag, met reden: pas als iedereen het probleem in de eigen ervaring herkent, gaan de zes vragen daarna over één ding.

Vraag 2 · Wat werkt al · 8 minuten

in de groepjes

Wat doe jij zelf al dat helpt? Ieder om de beurt, en zo concreet dat het één handeling is.

Vraag 3 · Wat houdt je tegen · 7 minuten

in de groepjes

Wat houdt je tegen om dat elke keer te doen? Denk aan een keer dat je het níét deed, terwijl het wel kon.

Vraag 4 · Wie kan het al · 10 minuten

in de groepjes

Ken je iemand bij wie het wél lukt, ondanks die obstakels? Wat doet diegene anders? Een collega, iemand van een ander team of van vroeger: het gaat om wat die persoon precies doet.

Vraag 5 · Een nieuw idee · 7 minuten

in de groepjes

Heb jij zelf een nieuw idee om dit op te lossen? Iets wat bij vraag 2 en 4 nog niet langskwam.

Vraag 6 · Wie doet wat · 9 minuten

in de groepjes

Wat moet er gebeuren om dat te doen, en wie pakt het op? Eén actie, één naam, één datum, en niemand wordt aangewezen.

Vraag 7 · Wie nog · 5 minuten

in de groepjes

Wie moeten we er nog bij halen? Namen, geen functies.

Oogst met iedereen · 10 minuten

met iedereen

De notulisten delen de belangrijkste vondst van hun groepje en wie wat oppakt.

Wie nodigen we uit · 3 minuten

met iedereen

Samen: wie vragen we voor het volgende gesprek?

Alle groepjes beantwoorden tegelijk dezelfde vraag. Vraag 2 en 4 dragen de methode: daar komt boven wat het team al kan. De oogst en de uitnodiging mogen weg: zet ze op nul als er nog «Wat? Dus wat? Wat nu?» volgt, of als het volgende gesprek al vastligt.

Waarom werkt dit?

Een team dat een probleem bespreekt, zoekt de oplossing meestal buiten zichzelf: een training, een nieuwe regel, een collega die het moet oppakken. Team Treasure Hunt draait dat om. Het uitgangspunt komt uit het werk aan positieve afwijking: in bijna elke groep is er iemand die met dezelfde middelen en dezelfde obstakels toch een betere uitkomst haalt. Drie dingen maken dat het gesprek die persoon vindt.

Eerst wat al werkt

Vraag 2 vraagt niet wat er mis is, maar wat je zelf al doet dat helpt. Ieder komt om de beurt aan het woord, ook wie zegt dat hij niets bijzonders doet, en juist daar zit vaak de vondst: een zin bij de deur, een vaste plek voor de tassen, een eerste opdracht die al op het bord staat. De notulist schrijft op wat mensen doen, niet wat ze ervan vinden, zodat de lijst aan het eind uit handelingen bestaat die een ander kan overnemen.

Het antwoord zit aan tafel

Vraag 4 is het hart: ken je iemand bij wie het wél lukt, ondanks dezelfde obstakels, en wat doet diegene anders? Dat mag een collega zijn, iemand van een ander team of van vroeger. De vragen eronder halen het van een naam naar een handeling: wat zag je diegene precies doen, en wat is daarin anders dan wat jij doet? Een team heeft veel meer expertise dan in een vergadering hoorbaar wordt; deze vraag maakt haar hoorbaar.

Rollen die het gesprek dragen

De gespreksleider stelt de vragen en beantwoordt ze niet. Dat lijkt een kleinigheid, maar het houdt het gesprek bij de groep: wie leidt en ook antwoordt, wordt de expert van het groepje. De notulist maakt het verschil tussen een goed gesprek en een gesprek dat iets oplevert, want acties met een naam en een datum vergeet niemand. En omdat alle groepjes tegelijk dezelfde vraag beantwoorden, praat het hele team in een uur met iedereen, niet alleen met de luidste.

Wanneer wel, wanneer niet

Wanneer wel

  • Bij een probleem dat iedereen in het team kent. Leerlingen die zonder huiswerk komen, een rumoerig laatste uur, ouders die pas reageren als het te laat is. Hoe gedeelder het probleem, hoe meer ervaring er aan tafel zit.
  • Als de kennis er is maar niet rondgaat. In een team waar ieder het in zijn eigen lokaal oplost, weet niemand wat de collega naast hem doet. Dit gesprek is gemaakt om dat zichtbaar te maken.
  • Op een teamvergadering of studiedag met tijd. Vijfentachtig minuten is een halve vergadering. Plan hem als het onderwerp van de bijeenkomst, niet als laatste punt van een volle agenda.
  • Als je acties wilt die ook gebeuren. Vraag 6 eindigt met één actie, één naam en één datum, en niemand wordt aangewezen. Een actie die iemand zelf kiest, wordt ook gedaan.

Wanneer niet

  • Bij de casus van één collega. Gaat het om de situatie van één persoon, neem dan een intervisiemethode met een inbrenger, zoals trio-advies of de incidentmethode. Dit gesprek gaat over een probleem van iedereen.
  • Als het team het probleem nog niet kan benoemen. Doe dan eerst Wat? Dus wat? Wat nu? op een eerdere bijeenkomst. Het antwoord op Wat nu? is het probleem voor dit gesprek.
  • Als er een schuldige wordt gezocht. Een probleem dat klinkt als een verwijt («collega's controleren het huiswerk niet») maakt vraag 2 en 4 onveilig. Herformuleer het naar wat iedereen tegenkomt, of wacht tot de spanning eraf is.

Voorbeelden per context

Een team op 6 november: Eerst warmdraaien in tweetallen met losse vragen, een nieuwe partner per vraag, gevonden door je hand op te steken als je nog niemand had, zoals in Quiz met bewegen. Dan de zeven vragen in groepjes, zestig minuten. De oogst sloegen ze over: direct na de zeven vragen kwam Wat? Dus wat? Wat nu? als afsluiting.
Teamvergadering: Leerlingen komen zonder gemaakt huiswerk naar de les, en de les loopt daardoor vast. Vraag 4 bracht een collega boven die de eerste vijf minuten altijd met het huiswerk begint.
Sectie: De toetsresultaten in klas 3 blijven achter. Vraag 2 liet zien dat twee collega's al met oefentoetsen werkten, zonder dat de rest het wist.
Mentoren: Leerlingen die stil worden in de klas. Het gesprek eindigde met een afspraak over een vaste vraag in elk mentorgesprek.
Studiedag: Hoe houden we de rust in het laatste uur? Met vijf groepjes tegelijk en dezelfde vraag op het scherm.

Varianten

Met een probleem dat al klaarligt brengt de gespreksleider een probleem mee waar het team eerder over sprak, dan gaat vraag 1 minder over zoeken en meer over toetsen: herkent iedereen het in de eigen les?
Met Wat? Dus wat? Wat nu? erna zet de oogst op nul en laat Wat? Dus wat? Wat nu? direct op de zeven vragen volgen. Die oogst de vondsten van alle groepjes beter dan een rondje notulisten.
Met 1-2-4-allen ervoor ook Sneeuwbal (1-2-4-allen) haalt het probleem uit het hele team op, maar samen met dit gesprek duurt het ruim anderhalf uur. Neem het alleen als het twee bijeenkomsten worden.
Met een warming-up in tweetallen losse vragen in tweetallen, een nieuwe partner per vraag, gevonden met een opgestoken hand, zoals in Quiz met bewegen. Iedereen praat dan al voordat de groepjes beginnen.
Korter geef vraag 3, 5 en 7 minder tijd. Kort vraag 1, 2 en 4 nooit in: daar zit de methode.

Veelgemaakte fouten

Het probleem klinkt als een verwijt. Dan wordt vraag 2 een verdediging en vraag 4 een ranglijst. Beschrijf wat je ziet, niet wie het fout doet; in de voorbereiding helpt AI je met formuleringen.
De gespreksleider praat mee. Wie leidt en ook antwoordt, wordt de expert van het groepje, en dan schrijft de notulist zijn mening op. Spreek de rollen af vóór vraag 1.
Vraag 1 wordt overgeslagen. Iedereen denkt het probleem te kennen, dus het gesprek springt naar oplossingen. Maar zonder een gedeeld beeld gaan de zes vragen daarna over zes verschillende problemen.
Vraag 3 wordt een klaagronde. Het gaat om wat jóú tegenhoudt bij wat je in vraag 2 noemde, niet om de school in het algemeen. Vraag terug: en wat betekent dat in jouw les?
Bij vraag 4 blijft het bij een naam. «Sanne kan dat goed» helpt niemand. Vraag door naar wat Sanne precies doet: zo concreet dat een ander het morgen kan nadoen.
Acties zonder naam. «We gaan er meer op letten» gebeurt nooit. Eén actie, één naam, één datum, en wie zich zelf meldt.

Veelgestelde vragen

Wat is Team Treasure Hunt precies?

Een teamgesprek over één gedeeld probleem, in groepjes van vijf tot zeven die tegelijk dezelfde zeven vragen beantwoorden: waaraan merk je het probleem, wat doe je zelf al dat helpt, wat houdt je tegen, bij wie lukt het ondanks alles en wat doet die anders, welk nieuw idee heb je, wie doet wat, en wie hebben we nog nodig. Per groepje is er een gespreksleider die de vragen stelt en een notulist die acties en namen opschrijft. Het is de Liberating Structure Discovery and Action Dialogue, met een naam en vragen voor teams, in een school of daarbuiten.

Hoe lang duurt Team Treasure Hunt?

Met de standaardinstellingen duurt de hele werkvorm ± 85 minuten, uitleg en terugblik inbegrepen.

De zeven vragen nemen standaard zestig minuten: 14, 8, 7, 10, 7, 9 en 5. Met het vormen van de groepjes, de afspraak over het probleem, de oogst en de uitnodiging erbij komt het gesprek op ongeveer vijfentachtig minuten. Wie de werkvorm voorbereidt, stelt per vraag de tijd in; de speler telt af in alle groepjes tegelijk. Moet het korter, geef dan vraag 3, 5 en 7 minder tijd.

Waarom is vraag 1 de langste?

Omdat alles erna erop bouwt. Een team dat «huiswerk» zegt, bedoelt vaak vijf verschillende problemen. Pas als iedereen een concreet voorbeeld van deze week heeft genoemd en hetzelfde herkent, gaan de vragen over wat werkt en wie het kan over één ding. Die tijd haal je later niet meer in.

Hoe helpt AI bij het probleem?

In de voorbereiding beschrijf je in je eigen woorden waar het team tegenaan loopt. Met een gratis account stelt AI dan vier manieren voor om het in één zin te zeggen, als iets wat iedereen tegenkomt en zonder schuldige. Je kiest er één of schrijft je eigen zin; die staat bij elke vraag op het scherm.

Waar komt de methode vandaan?

Discovery and Action Dialogue is een van de Liberating Structures van Henri Lipmanowicz en Keith McCandless. Ze bouwt op het werk van Jerry en Monique Sternin aan positieve afwijking: het antwoord op een gedeeld probleem zit vaak al bij iemand in de groep die het, met dezelfde obstakels, anders doet. De Liberating Structures zijn vrij beschikbaar onder een Creative Commons-licentie; de naam Team Treasure Hunt, de vragen in schooltaal en de tijden op deze pagina zijn van LudensFlow.

Welke teamvorm kies je?

WerkvormDoelGroepDuurWanneer passend
Team Treasure Huntde expertise van het team over één probleem boven halengroepjes van 5–7± 85 minprobleem dat iedereen kent
Wat? Dus wat? Wat nu?een gedeelde ervaring betekenis geven en één stap kiezengroepjes van 4–6± 30 minna een studiedag of project
Sneeuwbal (1-2-4-allen)ideeën van iedereen ophalen, van alleen naar de hele groep8–32± 18 minhet team zoekt nog het probleem
Trio-adviessnel advies van twee collega's, in parallelle trio's3 per groep± 35 miniedereen heeft een eigen vraag
Incidentmethodeéén incident blind analyseren tot alternatieven5–8± 40 minde casus van één collega

Bronnen

  • Liberating Structures: Discovery and Action Dialogue (Creative Commons BY-SA): de methode zelf, de zeven vragen en hun volgorde.
  • Henri Lipmanowicz en Keith McCandless, The Surprising Power of Liberating Structures (Liberating Structures Press, 2013).
  • Richard Pascale, Jerry Sternin en Monique Sternin, The Power of Positive Deviance (Harvard Business Press, 2010): waarom het antwoord vaak al in de groep zit.

Samengesteld door Oksana Oliinyk · Laatst bijgewerkt 6 november 2026

Was deze pagina nuttig?

Na je antwoord stellen we nog drie korte vragen: een halve minuut, en je helpt ons echt.