Trio-advies

Toepassen in nieuwe context

Trio-advies is een intervisievorm in groepjes van drie waarin één persoon een echte vraag inbrengt en de twee anderen als consultants hardop meedenken. De inbrenger vertelt zijn vraag in twee minuten, de consultants stellen verhelderende vragen zonder advies te geven, en dan draait de inbrenger zijn stoel om en luistert vier minuten terwijl de twee over zijn vraag praten alsof hij er niet bij zit; daarna draait hij terug en zegt wat hij meeneemt. Alle trio's doen dezelfde stap tegelijk, en na tien minuten schuift de rol door, zodat in een half uur iedereen inbrenger is geweest. De lichtste intervisievorm die er is en de beste eerste kennismaking met intervisie, niet de vorm voor een casus die een uur en een besluit nodig heeft.

Drie casussen in trio's · ± 35 min

Zet op het bord

Eén scherm: hoeveel casussen, hoe groot de groepjes en de tijd per stap. Alleen jij ziet het, de klas pas als jij op Starten drukt.

Precies dit zet je op het digibord. De timer loopt in alle trio’s tegelijk, en jij houdt de regie: pauzeren, tijd erbij of door naar de volgende stap. De vragen brengen de deelnemers zelf mee.

Zo ziet de klas het op het bord

4 stappen · elke casus is één ronde van ± 10 min, in alle trio's tegelijk

Trio-advies
0s bezig · nog ± 30 min
Ronde 1 · stap 1/4
stap 1/4 · De casusinbrenger vertelt
Inbrenger: zeg kort en concreet je vraag.
2:00
de inbrenger
Vraag · 2 min
Vragen · 2 min
Advies · 4 min
Oogst · 2 min
← Vorige
Volgende stap →

Voor jou: Laat de trio's zelf kiezen wie begint. Twee minuten is genoeg: de vraag hoeft niet af.

Groepsgrootte

trio's, 6–40 in de ruimte

Duur

± 35 min

incl. uitleg en terugblik

Niveau

vanaf groep 7 · teams

Materiaal

stoelen per drie, papier voor de inbrenger

Vorm

parallelle trio's, rol schuift door

Doel

advies krijgen zonder te verdedigen

Check vóór de eerste keer één ding: heeft ieder een echte vraag bij zich? Trio-advies werkt zonder voorbereide casus (de speler vraagt er niet om), maar dat betekent dat elk trio zelf drie vragen moet meebrengen. Zeg het een dag van tevoren, met het thema erbij als je er een wilt: "neem één vraag mee uit je eigen praktijk waar je vandaag hulp bij wilt". Wie met een vraag binnenkomt, heeft de eerste twee minuten al gedaan.

Verloop in één oogopslag

10 min per casus
de inbrenger spreektde consultants

De minuten hierboven zijn een startpunt, geen script: wie de werkvorm voorbereidt, stelt zelf per stap de tijd in en kiest hoeveel casussen er zijn. Tien minuten per casus wordt met het wisselen van rol een kwartier, en drie casussen (iedereen in het trio één keer inbrenger) zijn dus een half uur tot drie kwartier met de reflectie erbij. Knelt de tijd, kort dan het advies in en nooit de oogst: zonder oogst voelt de inbrenger zich besproken in plaats van geholpen.

Stap-voor-stap instructie

4 stappen

De casusinbrenger vertelt

2 minde inbrenger spreekt

Eén echte vraag uit de eigen praktijk, kort en concreet, afgesloten met: waar wil ik hulp bij?

Verhelderende vragen

2 minde consultants

De twee consultants stellen open vragen over wat, hoe en wanneer, tot ze de situatie voor zich zien. Nog geen advies.

Advies

4 minde consultants

De inbrenger draait zijn stoel om, luistert en schrijft mee; de consultants praten met elkaar over zijn vraag, niet met hem.

Wat neem je mee?

2 minde inbrenger spreekt

De inbrenger draait terug en zegt wat bruikbaar was en wat hij gaat proberen. Hij bedankt zijn consultants, en dan schuift de rol door.

Alle trio's doen dezelfde stap tegelijk. Na stap 4 begint de volgende casusinbrenger weer bij stap 1; hoeveel casussen er zijn, stel je in de voorbereiding in. Bij drie is ieder in het trio één keer aan de beurt geweest.

Waarom werkt dit?

Advies vragen is makkelijk; advies aannemen is het probleem. Zodra iemand iets over jouw situatie zegt, begin je uit te leggen waarom dat niet kan, en dan houdt de ander op. Trio-advies haalt dat mechanisme er met één beweging uit, en doet dat in drietallen zodat iedereen het in een half uur van beide kanten meemaakt.

Omgedraaid kun je niet verdedigen

Zolang de inbrenger meekijkt, praten de consultants tegen hem en wegen ze elk woord tegen zijn gezicht: het blijft beleefd, en bij de eerste tegenwerping stoppen ze. Met de rug naar de twee kan hij niets terugzeggen, en dus hoeft hij ook niets te verdedigen: het enige dat overblijft is luisteren en opschrijven. Dat is geen straf maar een cadeau, zegt de speler letterlijk, en het klopt: de derde gedachte van de consultants is meestal de beste, en die komt er alleen als de eerste twee niet zijn weerlegd. Laat het omdraaien echt gebeuren, stoel en al; half omgedraaid is half gespaard.

Eerst begrijpen, dan pas adviseren

De verhelderende vragen van stap 2 zijn de stap die trio's overslaan: twee minuten voelt als een formaliteit vóór het echte werk. Het omgekeerde is waar: een goede verhelderende vraag verandert de vraag zelf. "Wat heb je al geprobeerd?" hoort hier niet; "wat gebeurde er precies toen je het aankaartte?" wel, en na drie van zulke vragen blijkt de vraag over de leerling een vraag over de ouder te zijn. Loop in die twee minuten langs de trio's en zeg het één keer hardop: nog geen advies. Consultants die de situatie voor zich zien, geven in stap 3 ander advies dan consultants die hem hebben aangenomen.

Iedereen is beide rollen, in één half uur

Na tien minuten schuift de rol door, en na drie rondes is ieder één keer inbrenger en twee keer consultant geweest. Dat is waarom deze vorm de beste eerste kennismaking met intervisie is: niemand hoeft te geloven dat luisteren zonder verdedigen werkt, iedereen heeft het net zelf ondervonden, en ook ervaren hoe moeilijk het is om als consultant met de ander te praten in plaats van tegen de inbrenger. Een groep die dat één keer heeft meegemaakt, snapt zonder uitleg waarom de roddelmethode en de incidentmethode een stap hebben waarin de inbrenger zwijgt.

Wanneer wel, wanneer niet

Wanneer wel

  • Als iedereen een vraag heeft en de tijd kort is. Een teamvergadering, het laatste half uur van een studiedag, een training waarin ieder iets wil toepassen op de eigen praktijk. Geen andere intervisievorm geeft in een half uur iedereen een beurt.
  • Als eerste kennismaking met intervisie. Drietallen, een half uur, en iedereen is inbrenger én consultant geweest. Wie dit één keer heeft gedaan, is klaar voor de roddelmethode in de hele groep.
  • Bij een grote groep. Twaalf, twintig, veertig mensen: alle trio's doen dezelfde stap tegelijk op dezelfde timer, en jij loopt rond in plaats van één gesprek te leiden. De speler telt tot veertig in de ruimte.
  • Bij een concrete, kleine vraag. "Hoe begin ik het gesprek met die ouder?", "hoe krijg ik de derde groep aan het werk?": een vraag die in twee minuten te vertellen is en waar twee collega's in vier minuten iets bruikbaars over kunnen zeggen.
  • Als afsluiting van een training of studiedag. Ieder brengt één vraag in over hoe hij het geleerde morgen gaat gebruiken, en gaat weg met twee adviezen van collega's in plaats van met een voornemen. De oogst is dan letterlijk de transfer.

Wanneer niet

  • Bij een casus die een uur en een besluit nodig heeft. Tien minuten per casus is genoeg voor een bruikbaar advies, niet voor een analyse. Zit een team vast op één moment waar iedereen iets van vindt, neem dan de incidentmethode: de hele groep, acht stappen, en aan het eind alternatieven en een keuze.
  • Bij een inbrenger die vooral gehoord wil worden. Trio-advies eindigt met advies, en iemand die eerst wil horen hoe zijn situatie van buiten klinkt, krijgt hier binnen zes minuten tips. De roddelmethode geeft dezelfde omgedraaide stoel tien minuten lang, met de hele groep, en zonder adviesronde.
  • Zonder echte vragen in de zaal. Een trio dat ter plekke een vraag verzint, geeft ter plekke een beleefd advies. Vraag een dag van tevoren om één echte vraag per persoon en noem het thema; wie geen vraag heeft, is in die ronde consultant. Twee inbrengers in een trio is prima, dat scheelt een ronde.
  • Bij een waardenkwestie. "Mag ik een leerling iets beloven wat ik niet zeker weet?" heeft geen advies nodig maar een houding, en daarvoor zijn vier minuten consultants te kort. Het socratisch gesprek is daarvoor gemaakt: dezelfde luisterbeweging, met de vier deugden als taal en een uur de tijd.
  • Als je zelf in een trio wilt zitten. Met acht trio's tegelijk is de begeleider de enige die ziet welk trio in stap 2 al adviseert en welke inbrenger half omgedraaid zit. Doe zelf niet mee; loop rond, en zeg de dingen die de speler niet kan zeggen. Wil je het zelf meemaken, doe dan één ronde mee in een trio van vier en stap daarna uit.

Eén werkvorm, verschillende functies

Als opening van een teamvergadering. Een half uur, drie casussen, en het team heeft drie echte vragen behandeld vóór het eerste agendapunt. Geef het thema mee ("iets uit je klas van deze week") en de vergadering erna gaat over wat er speelt in plaats van over wat er gepland is.
Als afsluiting van een training. Ieder brengt één vraag in over hoe hij het geleerde gaat toepassen, en de twee consultants denken mee met wat ze net zelf hebben geleerd. De oogst is de transfer, opgeschreven door de inbrenger zelf, beter dan een evaluatieformulier.
In de mentorles, rond één thema. "Een vraag over je planning", "over je stage", "over een groepsopdracht": met een thema erbij is trio-advies een mentorles van een half uur waarin elke leerling twee adviezen van klasgenoten krijgt en er zelf vier geeft. Jij loopt rond en bewaakt stap 2.
Als eerste intervisievorm van een nieuwe groep. Een intervisiegroep die net begint, heeft nog geen vertrouwen voor de roddelmethode en geen tijd voor de incidentmethode. Trio-advies geeft in één bijeenkomst iedereen beide rollen, en de derde keer is de groep klaar voor de zwaardere vormen.

Voorbeelden per context

Lerarenteam: Het laatste half uur van de sectievergadering: "hoe krijg ik 3B stil zonder te schreeuwen?", en twee collega's die hardop meedenken terwijl de vrager meeschrijft.
Studiedag: Na een ochtend over formatief handelen brengt ieder één vraag in over de eigen les van morgen. Twaalf trio's, dezelfde timer, en de dag eindigt met 36 adviezen in plaats van één samenvatting.
Mentorles bovenbouw: Thema stage: "mijn begeleider laat me alleen koffie halen, wat zeg ik?" Drie leerlingen, drie vragen, jij loopt rond en herformuleert "heb je al geprobeerd…" één keer hardop.
Lerarenopleiding: Studenten na hun eerste stageweek: elk trio drie vragen uit de klas van gisteren. De consultants hebben net dezelfde week gehad, en dat is precies waarom hun advies bruikbaar is.
Zorg en welzijn: Een teamoverleg van wijkverpleegkundigen: één cliënt per inbrenger, twee minuten, en de consultants praten over "haar" in plaats van tegen de collega. Zelfde vier stappen.
Schoolleiders: Een netwerkbijeenkomst van directeuren: trio's over scholen heen, want een vraag over een lastige collega bespreek je makkelijker met wie hem niet kent.

Varianten

In groepjes van vier of vijf drie of vier consultants per inbrenger, en evenveel casussen als leden als iedereen aan de beurt moet komen; stel het aantal casussen in de voorbereiding in. Meer consultants geeft meer advies, maar de verhelderende vragen lopen sneller door elkaar; bij vijf laat je ze om de beurt vragen.
Met een thema "een vraag over je stage", "over een ouder", "over de nieuwe methode": een thema maakt de vragen vergelijkbaar en de adviezen scherper, omdat elke consultant net zo'n vraag heeft. Zonder thema werkt het ook: dan is de spreiding de winst.
Vaste trio's over een periode dezelfde drie collega's, elke maand een half uur, en de oogst van vorige keer als opening: "wat heb je ermee gedaan?" Na drie keer is het trio een mini-intervisiegroep, en durft de inbrenger een grotere vraag.
Kort, in een les zet de stappen op 1-1-3-1 en één casus past in zes minuten, drie in twintig. Kort de adviesronde in en nooit de oogst. De speler zegt het ook: zonder oogst voelt de inbrenger zich besproken in plaats van geholpen.
Online, in break-outrooms elk trio in een eigen kamer, de speler in de hoofdruimte gedeeld of via de live link op ieders scherm, zodat alle trio's dezelfde timer zien. De stoel omdraaien wordt camera uit en microfoon dicht; in stap 4 gaat de camera weer aan.
Met de live link in een grote zaal ziet niet elk trio het scherm, en met de live link volgt ieder trio dezelfde stap en dezelfde tijd op een telefoon. Bij parallelle groepjes is dat de handigste manier om acht trio's tegelijk van stap te laten wisselen zonder te roepen.

Per leeftijd

Groep 1–6. Nog te vroeg. De vorm vraagt dat een kind vier minuten met de rug naar twee klasgenoten luistert die over zijn vraag praten, zonder iets terug te zeggen, en dat de twee anderen dat gesprek met elkaar voeren in plaats van met hem. Die afstand tot je eigen vraag is er dan nog niet, en de consultants praten na twintig seconden weer tegen de vrager. Wil je leerlingen elkaar laten helpen met een opgave, dan doet tweetal coach dat vanaf groep 5, in tweetallen en met de coach die vragen stelt in plaats van adviseert.
Groep 7–8 en onderbouw vo. Kan, met een schoolvraag en jou erbij: "hoe pak ik mijn spreekbeurt aan?", "hoe zeg ik tegen mijn groepje dat ik niet alles wil doen?" Zet de stappen op 1-1-2-1, laat de inbrenger meeschrijven zodat hij iets te doen heeft met zijn handen, en loop rond. Het omdraaien is hier het moeilijkste deel en tegelijk het deel dat de klas het langst onthoudt.
Bovenbouw vo en mbo. Hier werkt de vorm zoals bedoeld, zeker rond de stage: een stagevraag is echt, recent en van iemand die er morgen weer staat. Drie kwartier in een mentorles, thema vooraf, en de adviezen op papier mee naar de stageplek. Leerlingen die drie keer in vaste trio's hebben gezeten, vragen er zelf om.
Hbo, lerarenopleiding en volwassenen. De omgeving waarvoor de vorm is gemaakt: teams, trainingen, netwerken, intervisiegroepen die beginnen. Het moeilijkste is hier stap 2: professionals willen adviseren zodra ze de vraag horen. Zeg het één keer hardop bij het rondlopen, en laat de reflectievragen aan het eind de groep zelf laten zeggen welke verhelderende vraag het meest hielp.

Veelgemaakte fouten

Advies in stap 2. "Heb je al geprobeerd om…" is advies in de vorm van een vraag, en de stap die trio's het vaakst overslaan. Loop in die twee minuten rond en zeg het één keer hardop: nog geen advies, alleen vragen.
De inbrenger draait niet echt om. Een kwartslag en meekijken is half gespaard worden. Stoel om, rug naar de twee, pen in de hand, en de consultants praten met elkaar, niet tegen de rug.
De consultants praten tegen de inbrenger. "Jij zou…" is een gesprek mét hem. Het is "hij zou…", tegen elkaar, alsof hij er niet is. De eerste ronde glijdt elk trio erin terug; één keer corrigeren per trio is genoeg.
Het trio is na twee minuten klaar met adviseren. De eerste twee gedachten zijn de voor de hand liggende; de derde is de beste, zegt de speler, en die komt pas als het stil is geweest. Laat de vier minuten vol lopen: stilte in een trio is werk, geen probleem.
De vraag is een levensverhaal. Twee minuten is bewust kort. Een inbrenger die na twee minuten nog niet bij zijn vraag is, krijgt advies over zijn verhaal. Laat elk trio beginnen met de vraag in één zin en dan pas de context.
De oogst wordt ingekort. Als de tijd knelt, sneuvelt stap 4 als eerste, en dan is de inbrenger besproken in plaats van geholpen. Kort het advies in, nooit de oogst; twee minuten, en de inbrenger zegt hardop wat hij gaat proberen.
Een trio van twee. Bij een oneven groep ontstaat er een tweetal, en met één consultant is er geen gesprek om naar te luisteren. Maak dan één groepje van vier: twee consultants meer is beter dan één minder.
De begeleider zit in een trio. Dan ziet niemand welk trio in stap 2 al adviseert en welke inbrenger half omgedraaid zit. Loop rond; de speler doet de tijd, jij doet de regels.

Veelgestelde vragen

Wat is trio-advies precies?

Een intervisievorm in groepjes van drie, in vier stappen van samen tien minuten per casus. Eén persoon brengt een echte vraag in uit zijn eigen praktijk (twee minuten); de twee anderen, de consultants, stellen verhelderende vragen zonder advies te geven (twee minuten); dan draait de inbrenger zijn stoel om en luistert terwijl de consultants hardop met elkaar over zijn vraag praten, alsof hij er niet bij zit; hij schrijft mee en zegt niets (vier minuten); en hij draait terug en zegt wat bruikbaar was en wat hij gaat proberen (twee minuten). Daarna schuift de rol door naar de volgende inbrenger. Alle trio's in de ruimte doen dezelfde stap tegelijk, op één timer. In de Liberating Structures heet de vorm Troika Consulting.

Waarom draait de inbrenger zich om?

Omdat hij anders meepraat. Zolang de inbrenger de consultants aankijkt, praten die tegen hem en wegen ze elk woord tegen zijn gezicht; bij de eerste tegenwerping ("ja maar dat heb ik geprobeerd") stoppen ze. Met de rug naar de twee kan hij niets terugzeggen, en dus hoeft hij ook niets te verdedigen: hij kan alleen luisteren, en dat is het cadeau. De consultants zeggen bovendien meer over "hem" dan ze tegen "jou" zouden zeggen, en hun derde gedachte is meestal de beste, en die komt er alleen als de eerste twee niet zijn weerlegd. Het is dezelfde beweging als in de roddelmethode, in drie in plaats van in acht.

Hoe lang duurt trio-advies?

Met de standaardinstellingen duurt de hele werkvorm ± 35 minuten: 3 rondes, uitleg en terugblik inbegrepen.

Eén casus is tien minuten met de standaardtijden (2, 2, 4 en 2), en met het wisselen van rol een kwartier. De speler draait standaard drie casussen, zodat ieder in een trio één keer inbrenger is geweest: tussen een half uur en drie kwartier met de reflectie aan het eind, afhankelijk van hoe vlot de wissels gaan. Wie de werkvorm voorbereidt, stelt per stap de tijd in en kiest het aantal casussen, van één tot vijf. Groepjes van vier of vijf hebben vier of vijf casussen nodig als iedereen aan de beurt moet komen, of je spreekt af dat twee leden deze keer consultant blijven.

Drie per groepje, of mogen het er meer zijn?

Drie is de vorm: één inbrenger, twee consultants die met elkaar praten. Twee consultants zijn genoeg voor een gesprek om naar te luisteren en weinig genoeg om in vier minuten allebei aan het woord te komen. De speler laat drie tot vijf per groepje toe voor een groep die niet deelbaar is door drie: maak dan liever één groepje van vier dan een tweetal, want met één consultant is er geen gesprek om naar te luisteren. In de ruimte telt de speler van zes tot veertig; boven de veertig splits je de zaal en draai je twee keer.

Wat voor vraag past bij trio-advies?

Een echte, concrete en kleine: iets uit de eigen praktijk van de afgelopen weken waar de inbrenger nu mee zit en dat in twee minuten te vertellen is. "Hoe begin ik het gesprek met die ouder?", "hoe krijg ik de derde groep aan het werk zonder er de hele tijd bij te staan?" Geen levensverhaal en geen vraag die een besluit van het team nodig heeft. Laat elke inbrenger eindigen met de zin waar de speler om vraagt ("waar wil ik hulp bij?"), want dat is de vraag waar de consultants op gaan antwoorden. Er is bewust geen veld in de voorbereiding voor een casus: een voorbereide vraag zou de vorm tegenwerken, de vragen komen uit de zaal.

Hoe begeleid je acht trio's tegelijk?

Niet door mee te doen. De speler doet de tijd: elk trio ziet dezelfde stap en dezelfde timer op het scherm of via de live link op een telefoon, en wisselt tegelijk. Jij doet de regels, al rondlopend, en er zijn er drie die ertoe doen. In stap 2: nog geen advies. Zeg het één keer hardop bij het trio waar je "heb je al geprobeerd…" hoort. In stap 3: de inbrenger zit echt omgedraaid en de consultants praten met elkaar, niet tegen zijn rug. In stap 4: de oogst is van de inbrenger, twee minuten, en dan door. Laat de trio's zelf kiezen wie begint, dat gaat sneller dan indelen. En doe de vorm als begeleider zelf één keer als inbrenger, in een ander trio dan je begeleidt: niets maakt de regels zo overtuigend als iemand die zelf vier minuten omgedraaid heeft gezeten.

Wat als iemand geen vraag heeft?

Dan is hij in die ronde consultant, en dat is prima: twee inbrengers in een trio scheelt een ronde. Beter is voorkomen: zeg een dag van tevoren dat ieder één echte vraag meebrengt, en geef het thema erbij als je er een wilt. Wie zegt geen vraag te hebben, heeft er bij navraag meestal wel een: "iets wat je deze week irriteerde" is een goede opening. Een ter plekke verzonnen vraag levert een beleefd advies op, en dat is de enige manier waarop deze vorm mislukt.

Wat is het verschil met de roddelmethode?

Dezelfde beweging (de inbrenger draait zich om en luistert terwijl anderen over zijn situatie praten), maar in een andere maat. De roddelmethode doet het met de hele groep van vier tot acht, tien minuten lang, met zeven minuten verkenning vooraf en een terugblik op het gesprek erna: één casus per drie kwartier, en de opbrengst is een eerlijke spiegel. Trio-advies doet het in drie, vier minuten lang, en eindigt met advies: drie casussen per drie kwartier, en iedereen is aan de beurt geweest. Vuistregel: trio-advies als iedereen een vraag heeft; roddelmethode als één persoon een eerlijk beeld nodig heeft.

Wat is het verschil met de incidentmethode?

De incidentmethode onderzoekt één incident met de hele groep in acht stappen en drie kwartier: het incident wordt verteld zonder de afloop, de groep analyseert blind en schrijft alternatieven, en pas dan hoort ze wat de inbrenger deed. Trio-advies is de lichte tegenhanger: geen analyse, geen verzwegen afloop, wel twee consultants die in vier minuten hardop meedenken. Kies de incidentmethode als het team wil weten wat je op één moment kunt doen; trio-advies als iedereen vandaag met een eigen vraag naar huis wil gaan.

Kan trio-advies in de klas?

Vanaf groep 7 en in de onderbouw van het vo kan het met een schoolvraag en jou rondlopend: stappen op 1-1-2-1, de inbrenger schrijft mee, en het thema is klein en van henzelf: de spreekbeurt, het groepje, de planning. In de bovenbouw en het mbo werkt de vorm zoals bedoeld, zeker rond de stage: een stagevraag is echt en van iemand die er morgen weer staat. Jonger dan groep 7 is het omdraaien te vroeg (de consultants praten na twintig seconden weer tegen de vrager), en doet tweetal coach het helpen in tweetallen met vragen in plaats van advies.

Werkt trio-advies ook online?

Ja, en het is een van de intervisievormen die online het minst verliezen: elk trio in een eigen break-outroom, en de speler gedeeld in de hoofdruimte of via de live link op ieders scherm, zodat alle trio's dezelfde stap en dezelfde timer zien. De stoel omdraaien wordt camera uit en microfoon dicht; de consultants noemen de inbrenger bij naam, want zonder zichtbare rug vergeten ze sneller dat hij meeluistert. In stap 4 gaat de camera weer aan.

Waar komt trio-advies vandaan?

Trio-advies is de Nederlandse naam voor Troika Consulting, een van de Liberating Structures van Henri Lipmanowicz en Keith McCandless: drieëndertig werkvormen die een groep in korte, strak getimede stappen aan het werk zetten, zodat iedereen meedoet in plaats van de snelste spreker. Troika Consulting brengt de kern van intervisie (een echte vraag, verhelderen vóór adviseren, en luisteren zonder verdedigen) terug tot tien minuten in drietallen. Het omdraaien van de stoel deelt de vorm met de Nederlandse intervisietraditie van de roddelmethode, die dezelfde beweging in de hele groep maakt.

Welke intervisiemethode kies je?

WerkvormDoelGroepDuurWanneer passend
Trio-adviessnel advies van twee collega's, in parallelle trio's3 per groep± 35 miniedereen heeft een vraag, weinig tijd
Roddelmethodeeerlijke feedback horen zonder te verdedigen4–8± 35 mininbrenger schiet snel in de verdediging
Incidentmethodeéén incident blind analyseren tot alternatieven en een besluit5–8± 40 minteam is handelingsverlegen bij één moment
Socratisch gesprekvia verplaatsing en de vier deugden een wijze houding vinden4–8± 45 minwaardenkwestie, team wil verdiepen
Dominante ideeënonuitgesproken overtuigingen benoemen4–8± 40 mininbrenger loopt steeds tegen hetzelfde aan
Case cliniczonder advies een nieuwe blik op je eigen rol krijgen4–5± 50 minvraag over je eigen leiderschap
Tweetal coachcoachend doorvragen in duo'stweetallen± 16 minopgave in plaats van casus, ook in de klas

Bronnen

  • Henri Lipmanowicz & Keith McCandless, The Surprising Power of Liberating Structures (2013). Troika Consulting: de vorm, de vier stappen en de tijden waarop deze werkvorm is gebouwd; zie ook ons overzicht van de Liberating Structures.
  • liberatingstructures.com: de officiële beschrijving van Troika Consulting, met stappen, tijden en varianten.
  • Monique Bellersen & Inez Kohlmann, Praktijkboek Intervisie (Boom): de intervisiefamilie waarin trio-advies de lichtste vorm is: één inbrenger, verhelderen vóór adviseren, en een stap waarin de inbrenger zwijgt.
  • Jeroen Hendriksen, Intervisie bij werkproblemen (Nelissen): de basisregels van intervisie: een echte vraag, feiten vóór meningen, en de inbrenger die zelf zegt wat hij meeneemt.
  • Edgar Schein, Helping. How to offer, give, and receive help (2009): waarom ongevraagd advies de ontvanger klein maakt en eerst vragen niet; de grond onder de verhelderingsstap.
  • Spencer Kagan, Cooperative Learning. Gelijktijdige deelname in kleine groepen: waarom acht trio's tegelijk in tien minuten meer opleveren dan één gesprek van een half uur.

Samengesteld door Oksana Oliinyk · Laatst bijgewerkt 15 september 2026

Was deze pagina nuttig?

Na je antwoord stellen we nog drie korte vragen. Een halve minuut, en je helpt ons echt.