Verwerkingsopdrachten: werkvormen om zelf te verwerken

Als de basis zit, moet de klas er zelf iets mee doen: uitleggen, toepassen, vergelijken, een probleem oplossen. In het EDI-model is dat de zelfstandige verwerking. Zelfstandig betekent hier niet alleen aan een tafel: de werkvorm geeft de structuur die jij eerst gaf.

Deze werkvormen zetten groepjes aan het werk met rollen, stappen en de tijd op het digibord. Jij loopt rond en luistert, en hoeft de opdracht niet drie keer opnieuw uit te leggen.

13 werkvormen in dit thema

Wat is zelfstandige verwerking?

Na de uitleg en het samen checken moet de klas de stof zelf gebruiken: uitleggen aan een ander, toepassen op een nieuw geval, vergelijken, een probleem oplossen. In het EDI-model is dat de zelfstandige verwerking. Pas daar blijkt of een leerling het kan zonder jouw hulp.

Zelfstandig is hier niet hetzelfde als alleen. Een werkvorm geeft groepjes rollen en stappen, zodat niet één leerling het werk doet en drie meekijken. De structuur neemt de plek in van de hulp die jij eerst gaf.

Welke werkvorm voor welke verwerking?

Voor stof die in delen uiteenvalt is Jigsaw de sterkste: elke leerling wordt expert in één deel en legt het uit aan de anderen. Bij 1 gaat, 3 blijven bezoekt een lid van de groep een andere groep als informant, en bij Feedback op tournee hangt het werk aan de muur en loopt de klas langs met een paar vaste vragen.

Voor een tekst of een vraagstuk passen Lees en vraag en Welke aanpak?, en Voorspel, kijk, verklaar laat leerlingen eerst een uitkomst voorspellen en die daarna verklaren. Voor ontwerpen en oorzaken zoeken zijn Design thinking in het klein, Het slechtste plan en Vijf keer waarom gemaakt; het World Café en Conversation Café zijn voor een gesprek met de hele klas.

Waar let je op?

Begin pas met verwerken als het checken goed ging. Een verwerkingsopdracht op stof die nog niet zit, wordt overschrijven van wie het wel snapt. De volgorde is het werk: eerst samen, dan zelf.

Loop rond en luister in plaats van te helpen. Elke vraag die je beantwoordt, neemt een leerling de kans af om het zelf te vinden; verwijs naar de rol of de stap op het bord. Wat je hoort, is je beste materiaal voor de afsluiting.