Negen keer waarom: gezamenlijk doel

Toepassen in nieuwe context

Negen keer waarom is een gesprek in tweetallen waarin de een negen keer vraagt: waarom is dit belangrijk voor je? Elk antwoord is de grond voor de volgende vraag, zodat het gesprek laag voor laag klimt: van wat je doet naar waarom je het doet. Daarna wisselen de rollen, en aan het eind deelt elk tweetal in één zin wat er bovenkwam. Wat je bij meer dan één tweetal terughoort, is de gedeelde bedoeling van de groep, en die is het doel van de hele werkvorm. Gemaakt voor het begin van iets gezamenlijks (een project, een schooljaar, een nieuwe samenwerking) en voor een team dat wil weten waarom het doet wat het doet.

Twee richtingen · negen keer waarom · ± 17 min

Zet op het bord

Eén scherm: het thema, hoeveel keer waarom en de tijd per vraag. Geen thema? De AI stelt er een paar voor bij jouw vak. Alleen jij ziet het, de klas pas als jij op Starten drukt.

Precies dit zet je op het digibord. De timer loopt per vraag, en jij houdt de regie: pauzeren, tijd erbij of door naar de volgende stap. Het thema typ je zelf, of met een gratis account stelt de AI thema’s voor bij jouw vak of project.

Zo ziet de klas het op het bord

11 stappen · elke richting ± 5,3 min

Negen keer waarom: gezamenlijk doel
0s bezig · nog ± 13:30
Richting 1 · stap 1/11
stap 1/11 · A vraagt, B vertelt
Kies wie A is. A stelt straks alle vragen, B vertelt.
0:45
A vraagt · B vertelt
Rollen · 45s
Waarom 1 · 30s
Waarom 2 · 30s
Waarom 3 · 30s
Waarom 4 · 30s
Waarom 5 · 30s
Waarom 6 · 30s
Waarom 7 · 30s
Waarom 8 · 30s
Waarom 9 · 30s
Delen · 3 min
← Vorige
Volgende stap →

Voor jou: Kort: een afspraak, geen fase. A doet één ding, negen keer: zeg dat hardop vóór de start.

Groepsgrootte

tweetallen · hele klas tegelijk

Duur

± 17 min

incl. uitleg en terugblik

Niveau

vanaf groep 7 tot volwassenen

Materiaal

niets

Vorm

in tweetallen → delen met de groep

Doel

de bedoeling achter het werk

Check vóór de eerste keer twee dingen. Weet A wat zijn rol is? A vraagt, negen keer, en doet verder niets: niet helpen, niet samenvatten, niet instemmen. Zeg dat hardop voordat de klok loopt. En houd drie minuten over voor het delen aan het eind: zonder die stap blijven negen antwoorden in negen tweetallen.

Stap-voor-stap instructie

4 stappen

Werk in tweetallen

Kies wie A is en wie B. Geef een gedeeld thema op, of laat elk tweetal het eigen werk nemen.

A vraagt, B vertelt

A vraagt negen keer “waarom is dit belangrijk voor je?”. Vraag steeds door op het vórige antwoord, niet opnieuw op het thema: daar zit de hele werkvorm in.

Wissel: B vraagt, A vertelt

Zelfde vraag, andere kant. A begint bij het begin, niet bij het antwoord van B.

Deel met de groep

Eén zin per tweetal: welke diepere bedoeling kwam boven? Wat je bij meerdere tweetallen terughoort, is het gedeelde.

Stap 2 en 3 zijn de twee richtingen, en elke waarom daarin heeft een eigen klok; stap 4 doe je één keer, als beide richtingen gelopen zijn. Negen is de naam van de werkvorm: in de voorbereiding kies je tussen drie en twaalf keer waarom.

Welke leerstrategie traint de klas?

Verwerken & verbinden

Leerlingen zetten de stof in hun eigen woorden en leggen uit waarom iets zo is. Uitleggen dwingt tot verbinden met wat er al zit: dat is begrijpen, niet herhalen. Bron: Dunlosky e.a. (2013), uitleg in eigen woorden en ‘waarom’-vragen.

Op het bordIn je eigen woorden · Je zet het in je eigen woorden en legt het uit. Wat je kunt uitleggen, snap je.

Werkblad: Negen keer waaromPDFVoor thuis: In je eigen woordenPDF

Alle leerstrategieën, met bronnen →Alle werkbladen →

Waarom werkt dit?

Vraag een groep waarom ze aan iets werkt, en je krijgt het beleefde antwoord: omdat het moet, omdat het in het programma staat. Negen keer waarom komt voorbij dat antwoord. Drie dingen doen het werk: elke vraag gaat over het vorige antwoord, de vrager doet niets anders dan vragen, en het delen zoekt naar wat bij meerdere tweetallen terugkomt.

Elke waarom gaat een laag hoger

Het eerste antwoord gaat over de taak, het tweede over het resultaat. Pas als je op dát antwoord weer waarom vraagt, en daarop weer, komt er iets wat groter is dan het werk zelf: waar iemand eigenlijk om geeft. Dat werkt alleen als elke vraag over het vorige antwoord gaat. Vraagt A steeds opnieuw naar het thema, dan blijft het tweetal op dezelfde hoogte staan, en zijn negen vragen negen keer hetzelfde gesprek. Rond de derde of vierde waarom wordt het meestal ongemakkelijk, en dat is precies waar het interessant wordt, dus grijp daar niet in.

De vrager doet één ding

A vraagt, negen keer, en doet verder niets. Zodra A gaat helpen, samenvatten of instemmen, stopt B met zoeken en gaat reageren op A. Daarom schrijft A niets op en daarom is het een gesprek zonder papier: alle aandacht van A gaat naar wat B zegt. En daarom heeft elke waarom een eigen klok. De klas ziet bij welke vraag ze is, en geen tweetal blijft staan bij het tweede antwoord omdat dat al goed genoeg klonk. Halve gedachten mogen; een kort antwoord krijgt gewoon nog een keer waarom.

Het gedeelde komt pas bij het delen boven

Wat een tweetal vindt, is persoonlijk. Wat de groep vindt, wordt pas zichtbaar als je de tweetallen naast elkaar legt: één zin per tweetal, en dan de vraag wat er terugkwam. Wat je twee of drie keer hoort, is de gedeelde bedoeling, en die is meer waard dan wat jij er zelf van zou maken. Daarom is het delen de stap waarvoor de rest bestaat, en krijgt het drie minuten in plaats van een halve.

Wanneer wel, wanneer niet

Wanneer wel

  • Aan het begin van een project of samenwerking. Voordat een groep verdeelt wie wat doet, weet ze waarom het de moeite waard is. Dat antwoord komt later terug, als het project vastloopt.
  • Als de groep het eens is over wát, maar niet over waarom. Iedereen wil de schoolkrant, maar de een voor de lol, de ander voor zijn cv en de derde om iets te zeggen te hebben. Negen keer waarom legt die verschillen op tafel, en vaak ook wat eronder gedeeld wordt.
  • Bij loopbaanoriëntatie en keuzes. Waarom trekt deze richting je? Zonder gedeeld thema neemt ieder de richting die hij overweegt, en de antwoorden worden persoonlijker dan met één thema voor de hele klas.
  • Met een team, aan het begin van een schooljaar. „Waarom geven wij dit vak?” in een sectie, of „waarom doen we dit project?” op een studiedag. Het delen aan het eind laat horen wat het team deelt.
  • Vóór een besluit. Een groep die weet waarom ze iets wil, kiest makkelijker tussen twee plannen. Zet de gedeelde bedoeling op het bord en houd de keuze er daarna tegenaan.

Wanneer niet

  • Als je de oorzaak van een probleem zoekt. Negen keer waarom klimt naar een bedoeling; het graaft niet naar een oorzaak. Wil je weten waarom iets misgaat, neem dan vijf keer waarom: dezelfde ladder, de andere kant op.
  • Als persoonlijke antwoorden nog niet veilig voelen. Negen keer „waarom is dit belangrijk voor je?” komt dicht bij wat iemand drijft. In een groep waar dat nog spannend is, krijg je negen beleefde antwoorden. Kies dan een thema over het gezamenlijke werk in plaats van over de persoon, en zeg vooraf dat bij het delen alleen de ene zin gedeeld wordt die het tweetal zelf kiest.
  • Als je er een besluit of een lijst ideeën uit wilt halen. De werkvorm maakt zichtbaar waaróm; hij beslist niets en levert geen lijst op. Gebruik de bedoeling die bovenkwam als maatstaf, en verzamel daarna de ideeën voor de keuze met sneeuwbal (1-2-4-All).

Voorbeelden per context

Projectstart: „Ons project over de wijk” als gedeeld thema: waarom is dit belangrijk voor jou?
Loopbaanoriëntatie: Zonder thema: ieder neemt de richting die hij overweegt, en het delen laat horen wat de klas drijft.
Mentoruur · Jouw doel
  • Wat je dit schooljaar wilt bereiken
Kant-en-klaar openen· 17 minAndere werkvormen voor Mentoruur, ook kant-en-klaar →
Profielwerkstuk: „Ons onderwerp”, aan het begin, zodat het tweetal weet waarom het dit wil onderzoeken.
Sectie: „Waarom geven wij dit vak?” Aan het begin van het schooljaar.
Studiedag: „Waarom doen we mee aan dit traject?” Het delen laat horen wat het team deelt en waar het uiteenloopt.

Varianten

Zeven keer of twaalf negen is de naam van de werkvorm. In een kort lesuur werken zeven vragen ook; de vraag blijft dezelfde. In de voorbereiding kies je tussen drie en twaalf, en elke waarom houdt zijn eigen klok.
Met of zonder gedeeld thema met een thema staat dat de hele werkvorm op het scherm, in beide richtingen hetzelfde. Zonder thema neemt elk tweetal het eigen werk. Dat is geen mindere variant: de antwoorden worden persoonlijker, en het delen aan het eind daardoor rijker.
Langer bij een goed moment de speler gaat vanzelf door naar de volgende waarom, zodat jij naar de klas kijkt en niet naar het scherm. Loopt er een goed gesprek, zet dan de klok van die ene vraag even stil of geef hem vijftien seconden extra. Wil je liever elke stap zelf doorklikken, kies dan onder Extra instellingen „Wachten op mijn klik”.
Een zichtbare oogst laat elk tweetal zijn ene zin op een briefje schrijven en op het bord plakken. Wat terugkomt, schuift bij elkaar; zo ziet de groep de gedeelde bedoeling letterlijk ontstaan.

Per leeftijd

Kleuters tot groep 6. Niet voor deze leeftijd. Negen keer over je eigen drijfveren praten, en als vrager alleen vragen zonder mee te praten, vraagt meer zelfreflectie en zelfbeheersing dan deze leeftijd al kan opbrengen. Wil je dat kinderen vertellen wat zij belangrijk vinden, neem dan om de beurt: bij kleuters in de kring met jou als regisseur, vanaf groep 3 in groepjes, of vanaf groep 4 binnenkring & buitenkring: dezelfde vraag, telkens een ander maatje.
Groep 7–8. Kan, met vijf of zeven keer en een onderwerp dat echt van henzelf is: hun werkstuk, hun sport, de musical. Doe de rol van A één keer voor met een leerling, voor de klas: vragen, luisteren, niets toevoegen. En zeg dat halve gedachten mogen.
Onderbouw vo. Werkt, met zeven tot negen keer. De valkuil is A die gaat grappen of helpen zodra het ongemakkelijk wordt, rond de derde of vierde waarom. Zeg vooraf dat dat moment komt en dat het erbij hoort.
Bovenbouw vo en mbo. Hier werkt het volledig, en past het bij loopbaanoriëntatie, een profielwerkstuk of de start van een project. Zonder gedeeld thema worden de antwoorden persoonlijk; het delen blijft bij één zin die het tweetal zelf kiest.
Volwassenen en teams. Het klassieke gebruik: aan het begin van een schooljaar, een traject of een nieuwe samenwerking. Hier is het delen de plek waar een team hoort wat het deelt, en waar het uiteenloopt.

Veelgemaakte fouten

Opnieuw op het thema vragen. Dan zijn negen vragen negen keer hetzelfde gesprek. Elke waarom gaat over het vórige antwoord.
Een vrager die meepraat. Helpen, samenvatten, instemmen: zodra A iets toevoegt, gaat B reageren in plaats van zoeken. A doet één ding, negen keer.
Meeschrijven. Wie schrijft, luistert half. Het is een gesprek; wat gedeeld wordt, is één zin aan het eind.
Ingrijpen bij de stilte. Rond de derde of vierde waarom valt het stil. Dat is geen probleem om op te lossen: het is het moment waarop het beleefde antwoord op is.
De tweede richting laten beginnen bij het eerste gesprek. Na de wissel begint het nieuwe gesprek bij het begin, niet bij het antwoord waar het vorige eindigde.
Het delen afraffelen. Een halve minuut delen is een rondje verslagen. Geef het drie minuten, en vraag naar wat terugkwam.

Veelgestelde vragen

Wat is negen keer waarom?

Een werkvorm voor tweetallen om de bedoeling achter gezamenlijk werk te vinden. A vraagt B negen keer „waarom is dit belangrijk voor je?”, telkens op het antwoord dat B net gaf. Daarna wisselen de rollen: B vraagt, A vertelt, en A begint weer bij het begin. Aan het eind zegt elk tweetal in één zin welke diepere bedoeling er bovenkwam. Wat bij meerdere tweetallen terugkomt, is wat de groep deelt. Het is een van de Liberating Structures, waar hij Nine Whys heet.

Hoe lang duurt negen keer waarom?

Met de standaardinstellingen duurt de hele werkvorm ± 17 minuten: 2 rondes, uitleg en terugblik inbegrepen.

Met de standaardinstellingen ongeveer zeventien minuten. Elke richting begint met vijfenveertig seconden om de rollen te verdelen, en daarna volgen negen vragen van dertig seconden: ruim vijf minuten per richting, tien en een halve voor beide. Het delen aan het eind duurt drie minuten. Dat is dertien en een halve minuut aan stappen; de voorbereiding rekent er een minuut voor het vormen van de tweetallen en twee minuten reflectie aan het eind bij. Met zeven keer waarom duurt het ongeveer vijftien minuten, met twaalf twintig. De rollen, de vragen en het delen stel je elk zelf in, in stappen van vijftien seconden (alle waaroms krijgen samen één tijd), en de speler gaat vanzelf door naar de volgende vraag.

Moet het echt negen keer?

Nee. Negen is de naam van de werkvorm, en in de voorbereiding kies je tussen drie en twaalf. In een kort lesuur werken zeven vragen ook; de vraag blijft dezelfde. Reken er wel op dat de eerste antwoorden bijna altijd over de taak en het resultaat gaan, en dat het interessante pas begint als die op zijn. Met veel minder dan vijf vragen stop je vaak net op dat punt.

Wat als het antwoord na drie keer ophoudt?

Dat is het moment waar de werkvorm om draait. Rond de derde of vierde waarom wordt het meestal ongemakkelijk: het voor de hand liggende antwoord is op, en er moet iets echters komen. Grijp daar niet in. Een kort antwoord krijgt gewoon nog een keer waarom, en „ik weet het niet” mag ook: dan wacht A even en stelt dezelfde vraag nog een keer. Halve gedachten tellen. Wat A niet doet, is het antwoord voor B afmaken.

Hoe kies je een goed thema?

Een goed thema is iets waar de tweetallen zelf aan werken of zelf mee te maken hebben, geen abstract begrip: „ons project over de wijk”, „de musical”, „waarom wij dit vak geven”, niet „duurzaamheid” of „democratie”. Het staat de hele werkvorm op het scherm, in beide richtingen hetzelfde. Je kunt het veld ook leeg laten; dan neemt elk tweetal het eigen werk, en dat is geen mindere variant. Geen thema in gedachten? Kies in de voorbereiding „AI schrijft ze”: je krijgt een paar mogelijke thema's bij je vak of project en tikt er één aan. Wie liever een eigen assistent zoals Microsoft Copilot gebruikt, kopieert de vraag uit hetzelfde scherm.

Waarom schrijft niemand iets op?

Omdat het een gesprek is, en omdat A's aandacht bij B moet zijn. Wie schrijft, luistert half, en een vrager die notuleert, gaat samenvatten in plaats van doorvragen. Wat bewaard moet worden, is maar één zin: de bedoeling die bovenkwam, en die zegt het tweetal hardop bij het delen. Wil je die zinnen zichtbaar maken, laat ze dan aan het eind op een briefje schrijven.

Wat gebeurt er bij het delen?

De tweetallen zijn klaar, beide richtingen zijn gelopen. Elk tweetal zegt in één zin welke diepere bedoeling er bovenkwam: de bedoeling, niet het hele gesprek. Jij luistert naar wat bij meer dan één tweetal terugkomt, en vraagt de groep daarna wat zij hoorde. Wat je twee keer hoort, is de gedeelde bedoeling. Die is de oogst van de werkvorm, en daarom duurt deze stap drie minuten en niet dertig seconden.

Wat is het verschil met vijf keer waarom?

Dezelfde ladder, de andere kant op. Vijf keer waarom graaft naar beneden, naar de oorzaak van een probleem: waarom gebeurt dit? Het tweetal schrijft de ketting samen op één blad. Negen keer waarom klimt naar boven, naar een bedoeling: waarom is dit belangrijk voor je? De een vraagt, de ander vertelt, en er wordt niets opgeschreven. Zoek je een oorzaak, neem vijf keer waarom; zoek je een drijfveer, neem negen keer waarom.

Hoe begeleid je negen keer waarom?

Vooraf: kies een thema of laat het veld leeg, en zeg hardop wat de rol van A is: vragen, negen keer, en verder niets. Doe het eventueel één keer voor. Tijdens de vragen: loop rond zonder in te grijpen, vooral rond de derde of vierde waarom, als het stil wordt. Bij de wissel: herinner eraan dat het nieuwe gesprek bij het begin begint. Bij het delen: één zin per tweetal, en luister naar wat terugkomt; vraag de groep daarna wat zij hoorde, in plaats van zelf de conclusie te trekken.

Is negen keer waarom een Liberating Structure?

Ja. Nine Whys is een van de Liberating Structures van Henri Lipmanowicz en Keith McCandless: korte, strak gestructureerde werkvormen waarin iedereen meedoet in plaats van de snelste spreker. De versie in LudensFlow volgt de vraag, de wissel van rol en het delen met de groep, en maakt er een klassenvorm van: elke waarom is een eigen stap met een eigen klok, zodat de klas ziet bij welke vraag ze is. Wat wegvalt: de minuut waarin ieder eerst voor zichzelf opschrijft wat hij doet, de korte titel die de vrager voor de bedoeling van de ander noteert, en het tussenrondje in viertallen. Hier wordt niets opgeschreven, en de tweetallen delen meteen met de hele groep.

Samen ontdekken waarom: welke vorm past?

WerkvormDoelGroepDuurWanneer passend
Negen keer waaromde bedoeling achter het werk vindentweetallen± 17 minde groep is het oneens over waaróm
Vijf keer waaromde oorzaak van één probleem vindentweetallen± 11 mineen probleem dat blijft terugkomen
Driestappeninterviewelkaar interviewen en navertellenviertallen± 12 minluisteren afdwingen in een vast viertal
Binnenkring & buitenkringdezelfde vraag met steeds een andere gesprekspartnerhele klas± 13 minopen vragen, spreektijd voor iedereen
Conversation Caférustig praten over iets complexes4–8± 35 minbegrip nodig, geen besluit
Sneeuwbal (1-2-4-All)ideeën trechteren van individueel naar plenair8–32± 18 minna de bedoeling: de ideeën

Bronnen

  • Henri Lipmanowicz & Keith McCandless, The Surprising Power of Liberating Structures (2013): Nine Whys: de vraag, het doorvragen op het vorige antwoord en de gedeelde bedoeling als opbrengst; zie ook ons overzicht van de Liberating Structures.
  • liberatingstructures.com: de officiële beschrijving van Nine Whys, met stappen en varianten.

Samengesteld door Oksana Oliinyk · Laatst bijgewerkt 25 september 2026

Was deze pagina nuttig?

Na je antwoord stellen we nog drie korte vragen. Dat kost een halve minuut, en je helpt ons echt.