Werkvormen mentorles en mentoruur, al voorbereid

Het mentoruur is het uur waarin de klas een groep wordt, of juist niet. Deze werkvormen geven het gesprek een vorm: iedereen komt aan het woord, ook de stille leerling, en wie nog niet voor de hele klas durft te praten, hoeft dat niet.

Ze zijn voorbereid op kennismaken en groepsvorming in de gouden weken, terugkijken op de week, vriendschap en samenwerken in de klas. Ook voor de mentorles in de brugklas, waar de groep nog moet ontstaan.

Zo werkt een kaart

  • Openen kan zonder account. In het startscherm pas je de vragen aan voor je eigen klas.
  • Bewaren met een gratis account: de voorbereiding komt in Mijn voorbereidingen, met jouw aanpassingen. Volgende keer staat hij daar met één klik klaar, zonder te zoeken.
  • Met Pro bouw je uit Mijn voorbereidingen een hele les: meerdere werkvormen achter elkaar, met jouw uitleg en timers.

27 werkvormen, kant-en-klaar

Activerende werkvormen voor het mentoruur

In het mentoruur wordt een klas een groep. Leerlingen leren elkaar kennen, kijken terug op hun week en oefenen samenwerken. Een open kringgesprek lijkt daarvoor de vanzelfsprekende vorm, maar in een kring van dertig praten er vaak maar een paar.

Activerende werkvormen geven het gesprek een structuur waarin iedereen aan de beurt komt. Leerlingen praten eerst in tweetallen of kleine groepjes, waar het veiliger is, en delen pas daarna iets met de hele klas.

Welke werkvorm in welke lesfase?

Aan het begin van het schooljaar is het Driestappeninterview een sterke kennismakingswerkvorm: leerlingen interviewen elkaar en stellen hun partner voor aan het groepje. Binnenkring & Buitenkring laat iedereen in korte tijd met veel klasgenoten praten.

Om terug te kijken op de week werkt Om de beurt met vragen als: wat ging goed, wat vond je lastig, waar kijk je naar uit? Stijgen & Dalen maakt de sfeer in de klas zichtbaar zonder dat iemand iets hoeft uit te leggen.

Samenwerken oefen je met Doe mij na, waarin de ene leerling iets beschrijft en de ander het natekent zonder te kijken. Het verschil tussen de twee tekeningen is meteen het gespreksonderwerp.

Waar let je op?

Maak duidelijk dat passen mag: wie op een persoonlijke vraag niets wil zeggen, zegt dat, en de beurt gaat door. En kies vragen die iedereen kan beantwoorden, ook wie een moeilijke week had.

Leren leren in dit vak

Drie manieren van leren die juist in dit vak zijn onderzocht, elk met de werkvorm die haar in de les laat gebeuren. Het bord zegt de klas wat ze traint.

  • Eerst plannen

    Het slechtste plan

    Voor de toetsweek: hoe verpest je hem zéker, wat daarvan doe je al, en wat doe je vanaf nu anders.

  • Ophalen uit het geheugen

    Om de beurt

    De regels en afspraken van de klas om de beurt uit het hoofd, boek dicht, in plaats van voorgelezen.

  • Inschatten hoe goed je het kent

    Eén voor één

    Na een toets of taak de exit slip: waar liep het vast, wat hielp, hoe goed ken ik het nu.

Plannen en jezelf inschatten zijn het best onderzocht in de vakles zelf, met de stof van dat vak: noem ze in de mentorles, train ze bij wiskunde en Nederlands.

Bronnen: EEF (2018), Metacognition and self-regulated learning · Dunlosky e.a. (2013), practice testing · Dunlosky & Rawson (2012), overconfidence

Alle manieren van leren, met bronnen →

Een nieuwe klas en nog geen rust? Vijf werkvormen waarin iedereen weet wie praat, hoe lang en wie antwoordt: rust in de klas door structuur

Schoolleider of teamleider? Werkvormen die passen in lesbezoek, sectieoverleg en studiedag. Voor scholen →