Activerende werkvormen wiskunde, al voorbereid

Bij wiskunde zie je het antwoord, maar niet of een leerling snapt waarom het klopt. In deze werkvormen leggen leerlingen hun redenering aan elkaar uit, kiezen ze een standpunt over een bewering en controleren ze elkaars stappen.

Ze zijn al gevuld met vragen over breuken, procenten, oppervlakte en wiskunde in het dagelijks leven, voor de onderbouw van vmbo, havo en vwo. Past het onderwerp niet bij je week? Zet je eigen opgaven erin.

Zo werkt een kaart

  • Openen kan zonder account. In het startscherm pas je de vragen aan voor je eigen klas.
  • Bewaren met een gratis account: de voorbereiding komt in Mijn voorbereidingen, met jouw aanpassingen. Volgende keer staat hij daar met één klik klaar, zonder te zoeken.
  • Met Pro bouw je uit Mijn voorbereidingen een hele les: meerdere werkvormen achter elkaar, met jouw uitleg en timers.

29 werkvormen, kant-en-klaar

Activerende werkvormen voor wiskunde

Bij wiskunde lijkt het werk individueel: sommen maken, antwoord controleren. Maar wie zijn oplossing moet uitleggen, ontdekt pas of hij hem echt begrijpt. Activerende werkvormen voor wiskunde draaien daarom om redeneren en uitleggen, niet om sneller rekenen.

Coöperatieve werkvormen maken dat uitleggen tot een vaste stap. Bij Genummerde koppen kan elk groepslid worden aangewezen, dus de groep zorgt dat iedereen de oplossing snapt. Bij Tweetal coach maakt de ene leerling een opgave en coacht de andere.

Welke werkvorm in welke lesfase?

Aan het begin van de les activeer je voorkennis met Om de beurt: noem een breuk die gelijk is aan een half, noem een plek waar je procenten tegenkomt. Stijgen & Dalen werkt goed voor misvattingen: is een half altijd groter dan een kwart?

In de verwerkingsfase zijn Tweetal coach en Genummerde koppen het sterkst, omdat leerlingen elkaars stappen controleren. Vier hoeken laat leerlingen kiezen tussen vier antwoorden en hun keuze verdedigen, wat goed werkt bij schattingen en meerkeuzevragen.

Aan het eind van de les geeft de Kennisquiz in teams je snel zicht op wat de klas beheerst, zonder dat een leerling alleen voor de klas fout hoeft te zijn.

Waar let je op?

Kies opgaven waarbij de weg ertoe doet, niet alleen de uitkomst: waarom klopt dit, hoe weet je dat, kan het ook anders? En geef bij het uitleggen genoeg tijd. Een uitleg in dertig seconden is vaak alleen het antwoord hardop.

Leren leren in dit vak

Drie manieren van leren die juist in dit vak zijn onderzocht, elk met de werkvorm die haar in de les laat gebeuren. Het bord zegt de klas wat ze traint.

  • Afwisselend oefenen

    Welke aanpak?

    Gemengde opgaven, zonder te rekenen: eerst zeggen welk type dit is en waaraan je dat ziet.

  • Hardop oefenen met feedback

    Tweetal coach

    Eén lost hardop op, de ander vraagt binnen een halve minuut «wat doe je nu?»; na elke opgave wisselen.

  • Ophalen uit het geheugen

    Eén voor één

    Eén opgave tegelijk voor de hele klas, boek dicht; daarna samen terugkijken waar het stokte.

Gespreid oefenen werkt hier ook, maar dat vraagt een reeks lessen, niet één.

Bronnen: Rohrer & Taylor (2007), interleaving in maths · Chi e.a. (1989), self-explanation while solving · Dunlosky e.a. (2013), practice testing

Alle manieren van leren, met bronnen →

Rekenen in groep 5–8 of de brugklas? Zeven werkvormen met voorbeeldsommen en kaartjes om te printen: coöperatieve werkvormen bij rekenen

Schoolleider of teamleider? Werkvormen die passen in lesbezoek, sectieoverleg en studiedag. Voor scholen →